“Sommige mensen dachten dat ik het niet zou redden. Het bloed kwam uit mijn oren”

Mevrouw Dijkgraaf viel met haar scooter over een uitstekende stoeptegel. De gevolgen waren niet gering. Ze liep hierbij een hersenschudding, twee hersenbloedingen, een kaak- en jukbeenfractuur, een gebroken rib en een hoofdwond op.

Stoeptegel_Case_2.jpg


Ik heb een ongeluk gehad met de scooter. Ik werd als het ware gelanceerd door een opstaande fietspadtegel. Vanaf dat moment weet ik niks meer. Ik was helemaal out. Ik weet ook niet hoe lang het heeft geduurd voordat ik weer bij was. Maar toen ik bijkwam lag ik in het ziekenhuis op een zwaar bewaakte afdeling. Het zag er ook allemaal heel erg uit.

Ik had een gebroken kaak, gebroken jukbeenderen, ik heb twee hersenbloedingen gehad, ik heb een rib gebroken en ik ben helemaal veranderd. Het is helemaal weg. Ik kan mijn vorige leven helemaal niet meer voor de geest halen. Ik mis stukken uit mijn geheugen. Het is weg. Ik heb een andere leven gekregen na het ongeluk.

Ik ben alles kwijt. Ik kan niet meer op mijn kleinkinderen oppassen. Ik heb zo gigantisch veel prikkels. Als je me ziet dan denk je: nou, die kan heel wat! Maar ik kan niks. Ik ben gewoon moe moe moe en heel snel overprikkeld.

Karakter

Dinsdag moet ik naar Tienhoven toe. Daar krijg ik een psychologisch, neurologisch onderzoek. Dat zal het laatste zijn. Daarna zal ik dan contact krijgen met Jan Willem Lenselink van Pals Letselschade. Hij zal het voor mij gaan afhandelen. Ik hoef zelf verder niets te doen. Het enige dat ik moet doen als ik naar het ziekenhuis ben geweest - of zoals toen naar Klimmendaal voor mijn herstel - is even een berichtje doen hoe het gegaan is.

Ik moet ermee leren leven helaas. Het houdt niet over. Ik kan wat aanklooien en dan moet ik weer slapen. Dan ga ik liggen en ben ik prikkelbaar en heb ik weinig interesse. Mijn karakter is gewoon veranderd. Dat zegt iedereen.

Ik ben nu twee jaar verder en het is nog steeds hetzelfde. Mijn gezicht is ook niet goed. Ik heb aan de zijkant nog een hele bult, mijn onderlip is nog halfdood… Dat wordt ook nooit meer goed. Als ik mijn gezicht vertrek heb ik een hele bult op mijn jukbeen zitten. Leer er maar mee leven, wordt er dan gezegd. Maar daar kan je niks mee. Dus doe het er maar mee.

Blijvend letsel

Ik was eerst onherkenbaar. Sommige mensen dachten dat ik het niet zou redden. Het bloed kwam uit mijn oren.

Een ding is zeker en dat heb ik ook al tegen Pals gezegd: “Het houdt je bezig en ik ben blij als het straks afgehandeld is. Dan kan ik weer verder. Constant ben je bezig nu. Zoals dinsdag, dan moet ik helemaal naar Tienhoven toe en dan word ik drie uur lang getest. Terwijl ik me voel alsof ik nog geen half uur red. Maar goed, dat zien we dan wel weer. En dan moet ik ook nog alles opschrijven… Ik word heel vergeetachtig. Het korte geheugen…

In Klimmendaal kreeg ik het vreselijke nieuws te horen dat dit blijvend letsel is. Dat klopt ook wel. Veel hoofdpijn, heel moe. Intensief allemaal. Maar ik ben blij dat ik er nog ben.